donderdag 8 oktober 2009

HOOFDSTUK V EVEN KIJKEN OF ER NOG MEER VOLK IN HET KASTEEL IS



            Blacky en Carmen spelen het Nieuwe Jaar in 


Blacky de Geweldige is een lieve, echt Catalaanse herdershond met een bijzonder karakter. Inplaats van een huis te bewaken en zo nodig stevig te blaffen verbergt hij zich meestal. Bij het minste geluid heel in de verte dat aan een rotje zou doen denken kruipt hij onder een bed. Hij is daar dan met geen bot of stok - of eventueel een helemaal verse biefstuk - vandaan te krijgen. Soms is dat gedrag wel handig.


Alles op de Planeet Aarde blijkt heel duidelijk zijn voordelen en zijn nadelen te hebben. Een beroemde Nederlandse voetballer heeft het eens gezegd: 'Elk voordeel hep zijn nadeel'. Alle Spanjaarden  -  dus inclusief de Catalanen - noemen deze geniale Nederlandse man 'Kroef'. Zijn alleen door geboren Nederlanders goed uit te spreken naam is 'Johan Cruijff'. De Catalanen gaan nog een beetje verder en noemen hem: 'El Salvador'. Dat betekent in het Nederlands 'De Redder'. Dat is hij geweest met zijn naar buiten toe oppervlakkig lijkende maar in werkelijkheid héél diepzinnige en begaafde manier van zowel voetballen als praten of ergens optreden.  

Johan Kroef uit Amsterdam zou met de golfsport even ver komen als met voetbal. Hij spreekt goed Spaans...en zijn kleinkind is nu zestien jaren oud en aan het voetballen bij -  ja, dat had je goed geraden !- de F.C. Barcelona. (F.C. staat voor Football Club)

De Spanjaarden kennen ook bijna allemaal één Engels woord. Dat woord is 'mister' en staat voor de trainer van een elftal. Dat hoeft niet voetballen te zijn maar kan ook hockey spelen of aan basketbal doen, een sport die wel eens wordt aangeduid met de overduidelijke worden 'mandje prik'. 

Even terug naar 'oude' Blacky. Wij weten hier, op bijna 140 kilometer afstand van Barcelona, nauwkeurig of de beste voetballers/miljonairs uit allerlei landen aan het winnen zijn. Na iedere goal wordt er vuurwerk afgeschoten. Zo weten we precies hoe vaak de bal in het net van de tegenstander is geschoten...of erin gefrommeld. 'Oude' Blacky vindt dat helemaal niet leuk en begint rond te struinen door ons huis. We geven hem als het weer eens al te dol wordt een halve pil die Ome Dierenarts heeft voorgeschreven in deze gevallen.

Blacky de Geweldige heeft samen met een vriendelijke Poes heel wat jaren in ons huis gewoond. 'Poes Piesjenee' (en ook wel 'de Filosoof' genoemd) is ontmand want anders was hij gewoon niet meer te houden. In de Zomers zijn we meestal te gast bij Troela en haar familie in het Kasteel. Poes blijft meestal buiten en ligt daar rustig te spinnen. Blacky is dikwijls ook buiten als er tenminste geen jagers in de buurt zijn én als het niet onweert. Ze slapen allebei in de buurt van Friethelm. Die zorgt voor ze en is een echte dierenvriend. 

Op een middag waren Blacky en Poes erg onrustig. Ze leken intussen wel gewend aan het gesnurk van Friethelm. Of beter gezegd: aan het geluid dat je hoort als iemand een heel dikke boom aan het doorzagen is. Dat snurken hoort bij de dagelijkse siësta van Friethelm. Maar op die middag hing er iets vreemds in de lucht dat Poes Piesjenee en Blacky de Geweldige niet vertrouwden. 

Door al het gereis dat in de vorige hoofdstukken staat beschreven heb ik onze Egbert bijna vergeten. Ik neem maar aan dat je nooit van hem hebt gehoord. Zijn volledige naam is Egbert de Eekhoorn. Zijn ouders stammen af van een grote familie van allemaal bruine eekhoorns. Die eekhoorns reisden nog door dat geweldig grote Spanje. Ze deden dat door heel eenvoudig van boom naar boom te springen. Zo konden ze het hele Iberische Schiereiland rondreizen en echt overal komen zonder de grond aan te raken. Het Iberisch Schiereiland - dat bestaat uit twee landen: Spanje en Portugal - stond toen nog helemaal vol bossen met veel soorten bomen. 

Spanje is een verschrikkelijk groot land. Van Noord naar Zuid is het zo'n 1200 (twaalfhonderd) kilometer en van Oost naar West nog altijd 1000 (duizend) kilometer. Als je toevallig ooit wat tijd hebt - en ook wat €uros hebt kunnen sparen - moet je eens op de fiets de hele kust van het 'Peninsula Ibérica' (zo heten Spanje en Porugal samen in het Spaans) langs rijden. Dan heb je er bij aankomst van het punt van vertrek ruim 8000 (achtduizend) kilometers opzitten. Waarschijnlijk heb je ook wel wat blaren op je bips (of is het bibs ?).

Maar nu ben ik weer afgedwaald en ga terug naar de vroegere Spaanse en Portugese bossen en de vele eekhoorns die daar toen 
- al springend van boompje naar boompje - in vrede samenleefden.

Het ware verhaal van de verdwenen bossen zit als volgt in elkaar.

Een paar eeuwen geleden besloot een Spaanse Koning met zijn gade een grote vloot met veel schepen van een helemaal nieuw model te laten bouwen. Daarmee wilde hij graag Engeland veroveren. Voor het bouwen van die schepen was een onvoorstelbaar grote hoeveelheid hout nodig. Daarom werden er overal in Spanje hele bossen omgekapt. Dat is overigens niet de enige reden waarom vooral het Spaanse binnenland zo kaal is. Maar het bouwen van deze enorme vloot - die de 'Armada' heette -heeft er wel aan bijgedragen.

Als kleine bijzonderheid kan ik nog vermelden dat een speciaal groot stuk eikenhout werd gekapt voor de Koning zelf. Zijne Majesteit droeg al jaren een plaat voor zijn hoofd gemaakt van ebbe-hout. Die plaat diende ook om de weinige hersens die in zijn hoofd zaten te beschermen. Eindelijk kon hij nu beleven hoe het met eikenhout zit. 


Het omkappen van hele bossen dat jarenlang duurde ging de goed beschermde bruine eekhoorns niet in de kouwe kleren zitten. Kleren - en zeker koude kleren - hadden ze niet nodig maar je weet wat ik met die echt Nederlandse uitdrukking bedoel. Daar begon de afsplitsing van de grijze tak van de grote Familie Eekhoorn. De bruine eekhoorns kregen van al dat gekap en de rommel die de kappers er van maakten grijze haren. Daarom bestaan er nu bruine en sinds die kapperij ook grijze eekhoorns. Er zijn ook en paar grijze eekhoorns die bij de Rots van Gibraltar naar Afrika oversprongen.

Tot het gekap en de rommel over was woonden ze in het heel mooie 
Atlasgebergte. Dat gebergte is nu een stuk van Marokko. Er zijn niet veel bomen maar genoeg om in conditie te blijven. De meeste grijze eekhoorns zijn terug gesprongen naar Spanje. Er zijn óók families die nog steeds een bruin leven hebben in het Noorden van Marokko.


Maar Egbert de Eekhoorn woonde nu al jaren in en rond het Kasteel. Hij was daar heel gelukkig geworden en had niet teveel ruimte nodig. In de omgeving van het Kasteel was genoeg voedsel voor hem en ook voor zijn medebewoners te vinden. En Egbert was onmogelijk sterk. Hij kon in één keer van de ene toren van het Kasteel naar de andere springen. Alleen als er een heel sterke wind uit het Noorden woei moest hij het heel voorzichtig aan doen. Die meestal ijskoude wind heet hier de 'tramontana'. Dat betekent: een wind die over de bergen waait. Nu ga ik schrijven hoe je dat woord kunt onthouden.

Onthoud het woord 'trans' dat ook in het Nederlands voorkomt: bij het woord transport bij voorbeeld. Het betekent 'over'. Onthoud ook het woord 'montaña' dat in het Spaans 'berg' betekent. Maar de 'ñ' is een echt Spaanse letter. Daar maken we een gewone 'n' van: dus het wordt 'montana'. Zet die twee woorden achter elkaar...en een kind kan bij wijze van spreken de was doen !
Het eerste stukje 'trans (zonder de 'n' en de 's', de Nederlandse Spoorwegen maar die hebben we toch niet nodig) dus: alleen 'tra' als eerste stuk en dan 'montana' als tweede wordt: tramontana. Dat is  de woeste wind die met 150 kilometer per uur van de bergen afdondert.

Spanjaarden die wat ouder zijn zeggen dat de tramontana die uit Frankrijk komt het enige echt zuivere is dat de Fransen naar Spanje sturen. Maar dat is natuurlijk  gewoon de kift. De Fransozen brengen ook stinkende geitenkazen die héél lekker zijn en champagne. Die is hier in Spanje niet te betalen...maar de Spanjaarden - en vooral de Catalanen - hebben hun eigen champagne die 'Cava' heet. Dat woord betekent 'kelder' want daar wordt de 'Cava' bewaard en verzorgd. De Catalaanse 'champagne' mag die naam niet dragen. Dat is lang geleden in Londen besloten bij een officiële Rechtszaak. Mijn vrouw en ik vinden de Catalaanse champagne veel lekkerder als de Franse.
Bovendien is Franse champagne niet te betalen, net als geitenkaas of wijn bij het eten bij voorbeeld.

Na hun strapatsen waren de zes vliegende geitenbreiers van Estartit in de richting van het Kasteel van Torroella gevlogen. Eerst maakten ze nog een tocht over de moerassen van een riviertje dat 'De Oude Ter' heet en waar intussen eenden en ook roerdompen broeden. 
Het zit er vol met Koningsreigers, Meerkoetjes en Waterhoentjes. Er zijn ook veel Mezen en Zeemeeuwen die in Spanje veel groter zijn als in Nederland. Tegenwoordig vliegen er ook Blauwe Reigers en Steen-arenden. En ik heb er zelfs een aantal Witte Zwanen gezien en Flamingo's. Dat die laatste soort prachtige vogels hier komen is heel uitzonderlijk en het had met vreemd Winterweer te maken.

Vroeger was zoiets ondenkbaar in dit mooie land dat meer weg heeft van een continent. Tenminste de helft van de leden van de Spaanse Jagersbond zou een cordon rond de moerassen hebben gelegd. En als dat klaar was zouden ze gaan schieten op alles wat zich in de moerassen zou durven bewegen. In het Catalaans heten moerassen  'aiguamolls' maar probeer nou niet dat woord uit te spreken. Je kunt je tong pijn doen of je hele mond ! 

Onze zes lieve geitenbreiers volgden na deze korte excursie vanuit de lucht eerst de weg die van Estartit naar Torroella loopt. De hexen dansten op hun bezems door de lucht op het ritme van een Samba die de leden van dit trio met veel plezier en heel goed zongen. Zo nu en dan dook er eentje eventjes naar beneden. Ze kriebelde dan een wandelaar met haar bezem even zacht over zijn kuiten. Het gebeurde ook dat ze een hijgende fietser of fietseres een lief en vriendelijk tikje op zijn kanis gaf. Als je niet weet wat een kanis is, zoek het op in een woordenboek of op het Internet dat  Van Alles Alles Weet...

De drie Blauwe Reigers waren wat voorzichtiger. Ze konden zich niet onzichtbaar maken zoals de drie hexen. Daar hadden ze Estartito voor nodig. Maar de toverspreuk die onze oude en lieve Tovenaar gebruikte voor deze vedwijn-truuk was erg ingewikkeld. Iedere keer als Estartito probeerde hem helemaal te zeggen begon hij halverwege te stotteren. Dan begon hij weer helemaal opnieuw maar bij de zevende mislukking had hij het helemaal genoeg en hield op.
De drie geduldige Reigers besloten zich maar koest te houden.

Langzaam naderde De Bende Van Negen (dát vind ik nou een mooie naam voor dit aardig maar wat ongeregeld stelletje) nu het Kasteel. Dat stond nog steeds te trillen op zijn grondvesten en er kwam een afgijselijke herrie vandaan. En ook de Grijze Berg leek er deze middag niet meer zo stevig bij te staan...

                        EINDE VAN HOOFDSTUK VIJF 

P.S.
     

Geen opmerkingen:

Een reactie plaatsen